De stilte spreekt

Onlangs las ik in een bijdrage aan een tijdschrift dat palliatieve zorg een inspiratie voor de zorg in het algemeen kan zijn. Een fragment dat al enkele weken in mijn onbewuste lag te sluimeren, sluit hier mooi bij aan...

Mijn telefoon gaat. De stem van één van de verpleegkundigen van de wooneenheid echoot en hapert even. Ik hoor het goed dat er ondersteuning nodig is voor de familieleden van een bewoonster die zonet overleden is. (...) Voor haar kamer houd ik even halt. Ik adem diep in en uit en klop tweemaal zacht op de deur. De mensen in de kamer staan roerloos naast het sterfbed van deze vrouw, echtgenote, moeder, oma, vriendin. Wanneer ik de kamer mag betreden komt de mysterieuze geur van rozenolie me tegemoet en hoor ik een stilte die nederigheid uitademt. De zoon huilt en drukt een laatste kus op het voorhoofd van zijn moeder en zegt: "Ma, 'k ga u missen". De kleindochter staat als aan de grond genageld naast het bed van haar oma. Plots barst er een intens verdriet los in haar binnenste. Ze gooit zich op het bed, omhelst haar oma en loopt vervolgens de kamer uit. Onze blikken raken elkaar niet. De verpleegkundige knikt in mijn richting; zij blijft daar. De kleindochter staat ondertussen in de gang met haar rug tegen de muur. Ze kijkt weg. De tranen rollen over haar gezicht en door het vele snikken stokt haar ademhaling. We staan daar vijf minuten, een kwartier? Naast elkaar en in stilte. Ze kijkt nog steeds weg, alsof ze wil zeggen: raak me niet aan, want dan breek ik. Ondertussen is haar vader aangekomen, die aan de overkant van de gang gaat staan. Onbeholpen en woordeloos staan we daar met drie. Het leven gaat merkwaardig genoeg door: de linnenkar wordt verplaatst, de koffietoer is gedaan, medebewoners schuifelen door de gangen. Deze familie ervaart dit moment echter alsof de tijd is blijven stilstaan. De kleindochter gaat naast haar vader staan en leunt aarzelend tegen hem aan, terwijl ze haar gelaat verstopt achter haar handen. Ze steunen op elkaar en omhelzen elkaar. Hier laat ik hen alleen...

Het diepste leed wordt stil gedragen (1). Op zo'n kantelmomenten in een leven, in een familiegeschiedenis, hebben mensen vaak nood aan een luisterend oor, aan een nabijheid die tegelijk ruimte geeft voor wat niet kan gezegd worden. Is er taal nodig opdat de ander zich zou gehoord en erkend voelen? Immers, waar woorden tekort schieten, daar spreekt de stilte.

-Elyn-


(1) Marnix Gijsen